maandag 9 november 2009

#23 evaluatie van de cursus

verloop van de cursus
Tijd om terug te kijken op de cursus waar we met zijn allen vijf maanden geleden aan zijn begonnen. Na de eerste dingen die we de eerste dag met zijn allen hebben gedaan zijn sommigen om diverse redenen - welbewust of door omstandigheden gedwongen - direct al afgehaakt. Gelukkig is het grootste deel van de groep wel vol enthousiasme aan de slag gegaan en dat ging de eerste weken ook prima. Naarmate de cursus vorderde (en met name door de vakantieperiode) ontstonden er achterstanden, maar die zijn zonder meer nog in te halen: al met al ben ik ervan overtuigd dat vier van de zes mensen in mijn groepje de eindstreep binnen afzienbare tijd zullen bereiken.

De inhoud van de cursus
Ik heb er in mijn vorige bijdrage al over geblogd: gaat het in de cursus nu om de tools en gadgets of om een mentaliteitsverandering? Uiteindelijk zou het om dat laatste moeten gaan en zijn de tools en gadgets slechts middelen om tot zo'n mentaliteitsverandering te komen en de praktische invulling ervan vorm te geven. Dus wat mij betreft is mentaliteitsverandering de essentie, maar die kan alleen worden bereikt door praktijkervaring op te doen, dus vooral doorgaan met spelen, knutselen en klooien.

En spelen, knutselen en klooien heb ik de afgelopen maanden volop gedaan, soms met veel plezier, soms met de nodige tegenzin, afhankelijk van het onderwerp.

Favorieten
Wat waren voor mij de favoriete dingen?
Van een heleboel dingen had ik wel gehoord, een aantal dingen had ik al eerder uitgeprobeerd en sommige dingen gebruikte ik zelfs al voor het begin van de cursus. Een aantal van die dingen heeft in de praktijk van de cursus zijn waarde wat mij betreft bewezen en zal ik dan ook blijven gebruiken:
- RSS/netvibes: ik heb inmiddels naast de RSS-feeds die we voor de cursus gebruiken (om elkaars blogs te kunnen volgen) zelf een behoorlijk aantal RSS-feeds verzameld / aangemaakt op dingen die mij interesseren. En dat werkt zo goed dat ik dat zal blijven gebruiken.
- Delicious: het is niet zo dat ik dit dagelijks gebruik, maar als ik een leuke site tegenkom, dan leg ik hem wel snel even vast in Delicious. Nooit meer een link kwijt, hoewel het soms ook moeilijk is om iets terug te vinden in Delicious: het staat of valt bij goed taggen en dat schiet er nogal eens bij in.
- Blog/Wiki: twee manieren om je ei kwijt te kunnen op internet. Nu heb ik nog heel wat onvolgroeide eieren in de kast liggen, die ik te zijner tijd wel aan de openbaarheid prijs wil geven. Publicatie in tijdschriften is een optie (als ze tenminste blijven bestaan), digitale vormen als Blog of Wiki zijn aantrekkelijke alternatieven. Dus wie weet, ooit...
- het principe van het sociale netwerk in al zijn vormen (en we zijn ermee doodgegooid deze cursus...): je kunt je twijfels hebben over een hele hoop van die vormen, maar het principe blijft wel overeind en kan ook in archievenland legio toepassingen krijgen.

23archiefdingen?
Waren nu alle 23 dingen zo bijzonder relevant voor het archiefwezen? Bij een aantal kun je je dat afvragen, met als absolute uitschieter natuurlijk de online muziek. Heel leuk natuurlijk voor mij als muziekliefhebber, maar weinig nieuws en nauwelijks aanknopingspunten met het archiefwezen. Maar ja, het format eist 23 dingen, dus die 23 dingen hebben we dan ook gekregen....

Wat mij betreft hadden het ook best 20archiefdingen kunnen zijn. Ik begrijp overigens dat de inhoud van de cursus voor volgende cursisten inmiddels is aangepast en dat podcasts en online muziek zijn vervangen door relevantere onderwerpen.

mijn slagzin
En dan tot slot mijn inzending voor de Toshiba Laptop:
23-Archiefdingen was voor mij met een blinddoek om graaien in de snoepwinkel: nu eens zuur of bitter, meestal lekker zoet .... Kortom: het smaakt naar meer.


donderdag 5 november 2009

#22 Archief 2.0 en de toekomst van archieven

2.0
Ja, dat heb je met modetermen: de term wordt massaal opgepikt en iedereen geeft er vervolgens zijn eigen invulling aan. Het 2.0-label is zo mogelijk de overtreffende trap van dit verschijnsel. In feite betekent het natuurlijk niets meer en minder dan: beter, de volgende stap in de ontwikkeling. En dat kun je overal op toepassen, zoals een simpele zoekactie op internet uitwijst: ambtenaar 2.0, medicine 2.0, journalism 2.0, klussen met koen 2.0. Een kwestie van tijd voor iemand kantklossen 2.0 en linedancing 2.0 verzint. En natuurlijk komt al snel 3.0 om de hoek kijken enzovoort.

archief 2.0
Maar goed, als je er serieus naar kijkt dan bestaat archief 2.0 uit twee polen: toeters en bellen en je anders opstellen (deze slogan kan tegen overmaking van een redelijk bedrag aan auteurskosten hergebruikt worden, ik heb er namelijk best wel lang over nagedacht, dus daar moet iets tegenover staan ;-))). Het een kan niet zonder het ander: je kunt wel allerlei mooie nieuwe snufjes op je website gooien, maar dat houdt ook in dat je anders moet gaan werken. Het lijkt erop dat in de praktijk vaak de nadruk op de toeters en bellen, een typisch geval van windowdressing in de trant van "kijk ons eens hippe nieuwe dingen doen". Als het echter slechts om een facade gaat en er geen commitment achter zit, dan zijn dit soort initiatieven gedoemd om te mislukken. Conclusie: mentaliteitsverandering is de essentie, maar kan alleen worden bereikt door praktijkervaring op te doen, dus doorgaan met spelen, knutselen en klooien en ... natuurlijk allemaal het manifest voor de archivaris 2.0 uit het hoofd leren.

Alle gekheid op een stokje, ik denk dat we het allemaal erover eens zijn dat het archiefwezen snel op de voortrazende internettrein moet springen en liefst over moet stappen van het aloude web 1.0-boemeltje naar de intercity van web 2.0 (om maar te zwijgen van de web 3.0 HSL). Dat dat met horten en stoten gaat en dat er heel veel hobbels en kuilen moeten worden overwonnen is niet meer dan normaal. Dus laten we indachtig de mantra pleiten voor nieuwe diensten en nieuwe manieren om diensten aan te bieden, ook al bieden sommige van mijn collega's weerstand en vooral de nuttige dingen die we de afgelopen 22 dingen zijn tegengekomen (en dat waren ze natuurlijk lang niet allemaal) propageren en proberen toe te passen.

donderdag 29 oktober 2009

#21 footnote, of: een zoektocht naar sporen van John Cowper Powys in Amerika

Een onderzoeksverslag

Ga maar wat grasduinen op Footnote...

Maar waar ga je dan naar zoeken zonder in het trotse bezit te zijn van Amerikaanse roots? Na enig nadenken kwam ik terecht bij een van mijn favoriete schrijvers, John Cowper Powys (1872-1963). Powys verbleef van 1904 tot 1934 in de Verenigde Staten. Al lezingen gevend trok hij in die jaren de States door, van oost naar west, van noord naar zuid, en intussen schreef hij ook nog eens een paar meesterwerken zoals Wolf Solent (1929) en A Glastonbury Romance (1932). Over deze inmiddels helaas grotendeels vergeten literaire grootheid zou toch iets te vinden moeten zijn op Footnote?

Nou, dat klopt: 134 treffers in 14 bronnen:
- 12 kranten
- Correspondence of the Military Intelligence Division Relating to "Negro Subversion", 1917-1941
- Investigative Case Files of the Bureau of Investigation 1908-1922



Wat heb ik dan precies gevonden?
Het is in Footnote een kwestie van doorklikken en je krijgt het gevonden document te zien in een prima werkende viewer. En dan vind je bijvoorbeeld een aankondiging in de Washington Post van een lezing die Powys op 2 maart 1920 zal geven in de Masonic Auditorium over Dostoievsky; Or The Soul of Russia.
Ik heb de scan voor de zekerheid maar even gedownload en in dit bericht geplakt omdat een link voor velen niet zou werken: het zit namelijk in het abonnementsgedeelte van Footnote.

En in de stukken van het Bureau of Investigation vinden we zowaar een soort flyer voor dezelfde lezing in New York eveneens in maart 1920.

Dit Bureau of Investigations is een voorloper van de FBI en onderzocht real and perceived threats to the nation and its citizens. Hoe komt deze flyer in dit archief terecht?
Op 15 maart 1921 kreeg Special Agent Hanrahan in Boston een brief, waarin wordt gemeld dat de English radical John Cowper Powys op 5 februari in een lezing over Heine



virtually declared himself in favor of International Jewry. […] He declared that it would be foolish for the Jews to gather together in one country, as this
would cause stagnation of the race and would leave no further goals to strive for after the Zion movement had been attained


Blijkbaar was dit voor het Bureau of Investigations voldoende reden om op 24 mei een agent naar een volgende lezing van Powys te sturen, ditmaal handelend over Friedrich Nietzsche. Agent W.B. Poole weet hierover onder andere te melden:


Subject is an English author, with a cockney accent, and has a nasty tongue which delighted his audience by holding "Nietzsche"up as a saint and a God … The audience of about 200 persons … was composed of the scum of Boston society,
largely women whose frequent applause of his nastiness indicated their lack of morality …
Agent Poole concludeert: while [Powys] is not to be classed as an enemy of our laws, his lectures will have an effect on our morals, and Agent respectfully suggests that a possible return to this country be prohibited.
Uit het stuk blijkt dat Powys al eerder door het Bureau of Investigations was geobserveerd. Documenten hierover heb ik op Footnote niet kunnen vinden. De suggestie van agent Poole is in ieder geval niet opgevolgd: hoewel Powys herhaaldelijk heen en weer reisde naar zijn vaderland werd hem bij terugkeer in de Verenigde Staten voor zover bekend nooit een duimbreed in de weg gelegd. Powys is nog vele jaren ongestoord met zijn lezingen door de States getrokken en heeft zich in 1934 geheel eigener beweging weer in zijn vaderland gevestigd.

Evaluatie
Wat hebben we nu aan Footnote? Het is erg leuk om in te grasduinen en als je eenmaal je weg hebt gevonden werkt het ook allemaal prima (althans als je een betaalde account hebt). Maar het aanbod is wel erg selectief en beperkt (heul veul kranten en een selectie van ‘hoogtepunten’). Ik wil meer weten, andere archieven inzien … (nou ja, ik weet het, het is een afwijking, maar laat ik er maar voor uitkomen) echt archiefonderzoek doen. En als dat niet digitaal kan, dan maar zelf naar het archief (en dan liefst wat dichter in de buurt dan Washington DC) ….
Een Nederlandse of Nederlands-Vlaamse of Europese variant op Footnote zou in mijn ogen prachtig zijn. Hoe meer erop komt, hoe beter. En als we dit dan kunnen combineren met zoiets als de archievenbank van het Stadsarchief Amsterdam, waarbij je zelf scans kunt bestellen en online (lees: op Voetnoot) laten zetten lijkt me dat helemaal schitterend. En, niet te vergeten, natuurlijk wel gratis. Maar dat een dergelijke website ooit het echte archiefonderzoek zou kunnen vervangen (wat zo zou zijn als alle archiefmateriaal, inventarissen en indexen online beschikbaar zijn) lijkt me intussen toch echt een utopie.

dinsdag 13 oktober 2009

#20 online muziek en sociale netwerken

Internet is zonder meer het walhalla voor muziekliefhebbers: je kunt er zonder veel problemen alles vinden wat je ooit wilde horen en ondanks heftig tegenspartelen van de muziekindustrie kun je het die muziek meestal ook nog gratis beluisteren en opslaan. Daarmee is internet dus tegelijkertijd een molensteen om de nek van de muziekindustrie en van de gevestigde namen in de muziek. En dat roept dan weer satirische reacties op (overigens schaamteloos door mij gejat van Luud op archief 2.0, maar dat lijkt me ook erg 2.0, hoewel ik dan misschien juist de "bronvermelding" had moeten weglaten):

Persoonlijk ben ik niet zo van het downloaden, ik heb toch graag een duurzame versie in mijn bezit en een mp3-tje ergens op een harde schijf is voor mijn gevoel niet duurzaam genoeg. Is ongetwijfeld enorm ouderwets, maar zo zit ik nou eenmaal in elkaar. Neemt niet weg dat ik wel verschillende RSS-feeds heb uitstaan op een aantal favoriete bands en dat ik regelmatig aan het surfen ben op zoek naar informatie over nieuwe muziek waar ik via via over heb gehoord.
Wat ik leuk vind is om suggesties te krijgen in de trant van: u houdt van die en die band, luister dan ook eens naar zus en zo (net als bij boeken in LibaryThing of bij Amazon.com). Wat dat betreft is Last.fm erg leuk: je geeft een bandnaam op, bijvoorbeeld Porcupine Tree en je gaat naar Porcupine Tree Radio luisteren: je krijgt naast muziek van die band ook muziek gepresenteerd die om de een of andere reden gelijkenissen vertoont met die band. Vaak dus al bekend, maar soms ook iets nieuws en heel soms ook iets echt leuks nieuws. Leuk.... Totdat de deur wordt dichtgegooid na dertig nummers, dan mag je gaan betalen. En dat gaat me nou net iets te ver, zo vaak zou ik dit niet gebruiken. Jammer dat we niet in de VS, Duitsland of Groot-Brittannië wonen, waar Last.fm blijkbaar wel onbeperkt gratis beluisterd kan worden.
Dan maar blip.fm. Dit is een makkelijke manier om snel muziek te vinden. Het hele speel dj voor je vrienden-idee kan mij verder eerlijk gezegd gestolen worden, maar dat zal de oplettende lezer niet verbazen als hij mijn vorige stukjes over sociale netwerken heeft gelezen...

Voor de musici onder ons: zelfs de toetsenman van Dream Theater gebruikt tijdens concerten nu al een i-Phone om muziek te maken, dus gooi je instrumenten de deur uit en schaf een i-Phone aan:


O ja, wat hebben we hier als archieven aan? Los van het feit dat je ook hier de principes van sociale netwerken in de praktijk ziet, kunnen we er niet zoveel mee, lijkt me.
Clemens non Papa componeerde begin zestiende eeuw Ego Flos Campi voor de Bossche Illustre Lieve Vrouwe Broederschap. Dit stuk staat zowaar op blip.fm: luister hier. Zou wel leuk zijn als je dit achter de binnenkort op onze site te publiceren index op de broederschapsleden zou draaien. Maar dat kan denk ik technisch veel makkelijker vanaf onze eigen server.
Conclusie: leuk voor ons als privé-personen, weinig zinvol voor archieven.

vrijdag 9 oktober 2009

#19 genealogie 2.0


De hele wereld lijkt familieziek. Een enkeling heeft hoge koorts, de meesten hebben een lichte verhoging. Vrijwel niemand is, zeker wanneer de jaren vorderen, volkomen immuun voor de drang om meer te weten over vader, moeder, opa's, oma's, ooms, tantes, overgrootouders enzovoort. Of eigenlijk in de meeste gevallen niet enzovoort: de meesten gaat het vooral om twee, drie generaties terug, die nog in de herinnering en verhalen voortleven. Een enkeling - zeg maar de zware gevallen - zijn dermate geïnfecteerd met het virus dat ze een onweerstaanbare drang hebben om zover mogelijk terug te gaan, minstens tot Karel de Grote, het liefst tot Adam en Eva.
Moest je vroeger toch al gauw de deur uit om je informatie te verzamelen, ja vaak zelfs naar stoffige archieven, tegenwoordig kun je lekker achteroverhangend in je luie stoel het internet afsurfen op zoek naar familieleden. In korte tijd en zonder veel moeite vind je er wat je zoekt. Al die geïnfecteerden zoeken elkaar op genealogische communities op en helpen elkaar daar. Een mailinglist als soc.genealogie.benelux of een site als het stamboomforum zijn goede voorbeelden die duidelijk in een behoefte voorzien. Als je naar de 'recensies' van archiefdiensten kijkt, waar over het BHIC maar liefst twee bijdragen staan, uit 2007 en 2008, en door maar liefst 19 mensen (in de loop van hoeveel tijd?) een cijfer is gegeven, kun je je afvragen wat de waarde van een dergelijk cijfer is. Overigens bieden dergelijke 'recensies' wel interessante informatie over de wensen en eisen van de digitale bezoeker: hij wil via de website snel en direct tot aan de bron kunnen komen: veel indexen en gratis scans lijkt het motto.
Aangezien het overgrote deel van onze fysieke en digitale bezoekers ons met genealogische motieven opzoekt moeten wij ons oor dan ook nadrukkelijk te luister leggen bij dit soort genealogische fora. RSS en bijbehorende webcare dus, maar daar hebben we het bij een eerder ding al ruimschoots over gehad.

Requiem voor De Brabantse Leeuw



In de laatst verschenen aflevering van De Brabantse Leeuw wordt het einde van dit eerbiedwaardige tijdschrift aangekondigd: er resten nog twee afleveringen palliatieve zorg en dan is het tijd voor de laatste adem.
Waarom moet de leeuw sterven? Volgens de redactie is het tijdschrift ten onder gegaan aan het succes van het stamboomonderzoek. Ik citeer: Wie op internet 'genealogy' googelt, krijgt 68,5 miljoen hits. Dat is niet zo veel als de 714 miljoen van 'sex', maar geeft toch duidelijk aan hoe wijd verbreid het stamboomonderzoek is. Iedereen doet het en de resultaten worden in toenemende mate gecommuniceerd op internet. Dat ziet er goed en sociaal uit, dat kan leerzaam zijn, dat is misschien een redelijk alternatief voor de papieren publicaties. In werkelijkheid is het rampzalig, doordat de internetpublicaties elke vorm van redactionele begeleiding ontberen en bovendien veelal de bronnen niet worden gecontroleerd. Kritiekloos worden zowel gedrukte als digitale publicaties geciteerd, waarmee lange reeksen van fouten worden gegenereerd. Correcties en kritiek blijken bovendien vaak bepaald niet welkom te zijn, maar worden veelal ervaren als nare stoorfactoren bij de genealogisch fun op internet. De betrouwbare genealogieën die tóch op internet verschijnen, zijn witte raven.
Ik hoor hier echo's van Andrew Keen uit ik geloof het allereerste ding van deze cursus. En ik ben het grotendeels ook met de redactie van De Brabantse Leeuw eens: het is schrikbarend hoeveel er kritiekloos wordt overgeschreven en hoeveel klinkklare onzin er - ook op genealogisch vlak - op het web wordt geplaatst. En dat terwijl juist via internet de afgelopen jaren zo ontzettend veel mooi bronnenmateriaal ter beschikking is gekomen. Voor mijn eigen onderzoek maak ik natuurlijk ook gebruik van internet, maar hoe interessant de gegevens die ik daar vind ook zijn, ik kan ze in 90% van de gevallen niet controleren omdat elke vorm van bronvermelding ontbreekt. Bovendien zijn veel van die sites nogal vluchtig: ze verdwijnen of veranderen hun url, waardoor ze niet meer te vinden zijn.
Het overgrote deel van de stamboomonderzoekers zal deze jeremiade overigens worst wezen en dat is natuurlijk hun goed recht. Voor genealogische die-hards blijft het intussen moeilijk de witte raven onder de genealogische sites te vinden. Dat De Brabantse Leeuw als papieren tijdschrift verdwijnt valt nog wel te begrijpen, maar dat er geen doorstart als "internettijdschrift" wordt gemaakt, vind ik een gemiste kans. Want er is grote behoefte aan betrouwbare, duurzaam raadpleegbare genealogische informatie, ook en vooral op internet.

vrijdag 2 oktober 2009

#18. LibraryThing en archieven

Wat ik in mijn vorige bijdrage nog vergeten was is nu net de vraag waarom we dit allemaal doen als archiefmedewerkers, namelijk: wat kunnen we er als archiefdiensten mee?
Moeten we onze bibliotheekcatalogus in LibraryThing gaan invoeren? Dat lijkt me weinig zinvol. LibraryThing is voor mijn gevoel vooral gericht op literatuur en lectuur, vooral op fictie dus. Als je op een trefwoord als history gaat zoeken vind je miljoenen boeken, maar toch vooral het wat algemenere werk. Recente titels over de geschiedenis van 's-Hertogenbosch, om maar een dwarsstraat te noemen, kom ik er niet tegen. Dat betekent dat ik LibaryThing ook niet ga gebruiken als bibliografisch hulpmiddel. Let wel, privé vind ik het een hele leuke toepassing, maar ik denk dat we er als archieven weinig mee kunnen.